UPDATE - Op dinsdag 11 september zal de rechtbank zich buigen over de vraag of het terecht is dat de jonge homo-activist Jamal (Jimmy) Turkmani gevangen is gezet. Drie dagen later zal een andere rechtbank zijn assielzaak behandelen.
Jamal Turkmani werd eerder deze week in Den Helder opgepakt en in vreemdelingenbewaring gezet. Zijn raadsman Flip Schuller is woedend en uiterst verbaasd. Aan het eind van de middag werd Jamal overgebracht van de gevangenis in Den Helder naar een uitzetcentrum Kamp Zeist.
Er loopt nog een beroep in zijn asielzaak tegen zijn uitzetting naar Libanon. Jamal heeft een hiv-infectie en kampt met zware psychische problemen, waarvoor hij drie keer per maand moet worden behandeld door verschillende medici. Jamal is geen crimineel en heeft zich altijd netjes gehouden aan alle toezichtsmaatregelen, zoals de wekelijkse meldingsplicht.
Omdat het beroep nog loopt, verbijstert het de advocaat van Jamal, mr. Flip Schuller, dat de terugkeerambtenaren toch een onderduikgevaar aanwezig achten. “Het ingestelde beroep is de laatste kans om voor hem asiel in Nederland te krijgen, Jamal heeft er immers alle belang bij om zich te houden aan de regels. Dat is de enige manier waarop hij in het bezit komt van een verblijfsvergunning. De enige reden die wordt aangevoerd is dat hij in een zogenaamd ‘terugkeergesprek’ heeft gezegd bang te zijn voor een uitzetting naar Libanon. Dit betekent nog niet dat hij daarom van plan zou zijn onder te duiken.”
Mr. Schuller noemt het ‘schandalig dat de vreemdelingenpolitie in Den Helder hem vast zet en zelfs overbrengt naar Zeist, terwijl hij vrijwel elke week een bezoek moet brengen aan zijn behandelaars’. Het is volgens de raadsman duidelijk dat de opsluiting zijn toch al kwetsbare gezondheidssituatie verder zal verslechteren.
Advocaat Schuller heeft inmiddels beroep ingesteld tegen de detentie en spoedvoorzieningen om het beroep zo spoedig mogelijk door de asielrechter te laten beoordelen.
Jamal , Jimmy voor zijn vrienden, heeft de hulp ingeroepen van de Stichting Vrienden van de Gay Krant (SVGK) en COC Nederland. Hij hoopt op steunbetuigingen van medestanders en hoopt dat betrokkenen zijn zaak zullen aankaarten bij diverse politici.
Enkele homoseksuele allochtonen organiseerden woensdagavond een protestbijeenkomst bij het Uitzet/detentiecentrum Zeist in Soesterberg. Louiza Audi en Osama Ada zullen ook de komende dagen actief blijven. Embrace Pink heeft al zijn leden eveneens opgeroepen het protest te ondersteunen. Het COC heeft zijn zaak aangekaart bij staatssecretaris voor Vreemdelingenbeleid Albayrak, maar nog zonder zichtbaar gevolg.
Uit het Algemeen ambtsbericht Libanon/homoseksualiteit
Ministerie van Buitenlandse Zaken
7 augustus 2002
Maatschappelijke positie
In de Libanese samenleving rust een taboe op homoseksualiteit, zowel onder de christelijke als onder de islamitische gemeenschappen. In de religieuze gemeenschappen is het onderwerp homoseksualiteit niet in positieve zin bespreekbaar. Toch kent Beiroet een bloeiende homo-subcultuur met verschillende bars, dancings en badhuizen die bekend staan als homo-ontmoetingsplaatsen en -uitgaansgelegenheden. Buiten deze gelegenheden moeten homoseksuelen zeer subtiel te werk gaan.
Het is mogelijk om in de eigen leefomgeving uiting te geven aan de homoseksuele geaardheid mits men de nodige discretie in acht neemt. Homoseksuelen houden in de praktijk echter hun geaardheid vaak voor familieleden, buren of collega’s op het werk verborgen uit angst te worden verstoten. Als de familie wel op de hoogte is, zal de familie er alles aan doen de homoseksualiteit van dit familielid verborgen te houden. Het kan niet bij voorbaat worden uitgesloten dat een traditionele familie de schande van homoseksualiteit voor de familie zo groot vindt dat men het eigen familielid doodt om de eer van de familie te redden. Er zijn evenwel geen gevallen bekend waaruit blijkt dat een familie daadwerkelijk ooit tot een dergelijke handeling is overgegaan. Het is overigens twijfelachtig of homoseksuelen zich in steden en/of stedelijke gebieden aan eventueel geweld van de zijde van de familie kunnen onttrekken. In Libanon is men voor het vinden van werk en/of huisvesting veelal afhankelijk van de eigen geloofsgemeenschap, waardoor men vroeg of laat traceerbaar blijft voor de eigen familie.
Wetgeving
In Libanon is homoseksualiteit als zodanig niet strafbaar gesteld in het Wetboek van Strafrecht. Homoseksuele gedragingen kunnen echter wel worden vervolgd op grond van artikel 534 van het Libanese Wetboek van Strafrecht1. In dit artikel wordt ‘tegennatuurlijke vleselijke gemeenschap’ strafbaar gesteld met een gevangenisstraf van ten hoogste één jaar. Onder het sinds een jaar van kracht zijnde nieuwe Libanese strafvorderingsregiem worden gevangenisstraffen tot één jaar thans niet meer tenuitvoergelegd, maar omgezet in voorwaardelijke straffen.
‘Tegennatuurlijke vleselijke gemeenschap’ heeft een religieuze achtergrond en is niet speciaal tegen homoseksualiteit gericht, maar tegen iedere ‘tegennatuurlijke vleselijke gemeenschap’. Zo kan onder dit delict ook de buitenhuwelijkse gemeenschap tussen een man en een vrouw worden vervolgd als deze ‘tegennatuurlijk’ wordt bevonden. Maatgevend is vooral of de ‘buitenwereld’ aanstoot neemt aan de gedragingen.
Samenvatting
Hoewel er in Libanon een formeel taboe rust op homoseksualiteit, is het in het algemeen wel mogelijk om in dat land in de privé-sfeer uiting te geven aan de homoseksuele geaardheid, mits men de nodige discretie betracht. Er zijn in Libanon bepaalde uitgaansgelegenheden en ontmoetingsplekken voor homoseksuelen.
In Libanon bestaat geen wetgeving op grond waarvan homoseksualiteit als zodanig wordt verboden. Van actieve vervolging van homoseksuelen door de autoriteiten is geen sprake. Wel kunnen de autoriteiten tegen homoseksuelen optreden indien er samenloop is met andere strafbare feiten of in geval van klachten van derden over schending van de openbare orde.
Er zijn geen gevallen bekend van vervolging van homoseksuelen door bepaalde religieuze groeperingen. Beschermend optreden van de zijde van de politie is niet vanzelfsprekend.
Michel Becker
Juridisch medewerker Vreemdelingenrecht
Zie de eerdere berichten:
Jamal voerde actie tijdens Roze Maandag
Wie helpt Jamal?
Achtergrondinfo:
Jamal is 27, hij komt uit Libanon. Toen zijn ouders hoorden dat hij homoseksueel is, verklaarde zijn vader dat hij hem uit eerwraak zou doden. De autoriteiten in Libanon verafschuwen homoseksualiteit. Op bescherming hoeft Jamal dus niet te rekenen. Om die reden vluchtte hij op 2 mei 2002 naar Nederland.
Jamal woont nu vijf en half jaar in ons land. Hij spreekt de taal en is in afwachting van een verblijfsvergunning. Die werd hem tot nu toe steeds geweigerd. De IND oordeelt dat Jamal weliswaar niet terug kan naar zijn familie, maar dan moet hij zijn geluk maar beproeven in een ander deel van Libanon.
Inmiddels is Jamal ziek geworden; verkouden, voelt zich niet lekker. Eerst dacht hij nog dat het van de spanning kwam, maar in het Amsterdamse Onze Lieve Vrouwe Gasthuis werd vastgesteld dat hij hiv heeft. In Nederland kan hij worden behandeld. In Libanon is dat in zijn situatie ondenkbaar. Toch ziet de IND in zijn geval geen aanleiding om de beslissing te herzien. Jamal moet terug.
Ex-europarlementariër Joke Swiebel probeerde in het verleden voor Jamal al te doen wat ze kon, maar ze liep tegen bikkelharde muren aan. Amnesty International houdt zich bezig met deze zaak, ook het COC onderneemt actie.
Reageren op dit bericht kun je met je Profiel. Heb je die nog niet? Maak er dan nu een aan en klik hier. Het is GRATIS. Zie verder 'Spelregels Reacties’